Vol enthousiasme begon ik zes maanden geleden aan de voorbereiding van het eerste vrouwenevent van Bee Moved. Geïnspireerd door het verhaal van Esther, een weesmeisje dat lang geleden leefde en koningin werd van een groot en machtig land. Wat mij raakte in haar verhaal was dat zij zichzelf moest durven laten zien om tot haar doel te komen. Ze maakte mij deelgenoot van haar gevoelens van angst en schaamte in dat proces. En ineens wist ik: dit verhaal moeten meer vrouwen horen.

Maar nu het event steeds dichterbij komt bekruipt me regelmatig het gevoel van: whaaaaa… waar ben ik aan begonnen? Herken je dat gevoel dat je ergens vol enthousiasme in springt en halverwege denkt: pfff, waar haal ik de tijd vandaan? Of: help, hier komt toch wel meer bij kijken dan ik in eerste instantie dacht. Zo lijkt mijn to-dolijstje alleen maar langer te worden in plaats van korter. En tot overmaat van ramp vind mijn innerlijke criticus het nodig om zo nu en dan luid en duidelijk van zich te laten horen: wie denk je wel niet dat je bent? En: er komen heus geen vrouwen op zo’n event af en al helemaaaaaal niet als jij het organiseert.

Na meerdere van zulk soort met-mijn-handen-in-mijn-haarmomenten, heb ik weer wat levenslessen mogen leren:

  1. Stel prioriteiten: je kunt nu eenmaal niet alles tegelijkertijd. Zo heb ik mijn studie momenteel even op een lager pitje gezet om me te kunnen focussen op de voorbereiding van het eerste event van Bee Moved.
  2. Zie je emoties onder ogen: want naast dat ik er enorm blij van word om dit event te organiseren, vind ik het ook gewoon ontzettend spannend. Van de buitenkant kan het misschien lijken alsof ik het allemaal wel onder controle heb en het me makkelijk af gaat, maar vanbinnen ben ik een gewone vrouw die moed verzamelt om stapje voor stapje zichzelf te durven laten zien. Eigenlijk precies zoals Esther dat deed…